NIEUWSBRIEF HERFST 2017

TERUGKIJKEN EN VERDER GAAN

Dit wordt één van de laatste nieuwsbrieven van mijn hand, mijn hoveniersloopbaan zit er bijna op. Ik merk het aan mijzelf, ik begin te mijmeren aan hoe het allemaal begon... Wat zit er in je genen? Met welke toevalligheden is het allemaal zo gekomen? En… wie én wat heeft mij gemaakt tot wie ik ben als hovenier? Een terugblik!

Het is nog steeds mijn overtuiging dat het allemaal al begon op de boerderij waar ik ben opgegroeid. Toen, in mijn kindertijd, een afgelegen plek waar ik aangewezen was op mezelf, constant in contact met de natuur; spelend in het land, aan de slootranden, pruttend in de bagger. Mijn vader moeten helpen in de groentetuin, mijn moeder die iets speciaals had met planten. Sierplanten werden er bij ons niet gekocht, het was altijd zaaien, stekken en ruilen van plantensoorten met anderen. 

Aan de overkant van de Wetering woonde een bloemenkweker, Leen Straathof. Trots op zijn kwekerij, liefde voor zijn planten en altijd een schone en opgeruimde kwekerij. Zijn stelling was “waar geen onkruid is heb je ook geen ongedierte” Hier verdiende ik mijn eerste zakgeld met chrysantenstek steken en bollenpellen. 

Later, na enige omzwervingen, kwam ik te werken bij Gebr. van Egmond, vaste plantenkweker in Leiden. Een enorm assortiment vaste planten, enorme kenners van het vak, enorme liefhebbers. Tussen de middag, als ik zat te lunchen, kwamen ze binnen met een hand vol verschillende bloemen en dan moest ik ze gaan benoemen. Ouderwets vakmanschap, altijd buitenwerken, regen of zon, afzien. Maar ik leerde daar het vak wel! 

Hierna kwam Kwekerij Oud Clingedaal in Wassenaar. Eerst drie jaar bij de hoveniersafdeling gewerkt en daarna drie jaar op de boomkwekerij. Het was toen een top bedrijf, het beste van Wassenaar en omstreken. Ik kwam in de mooiste tuinen en op de mooiste plekken. Mijn werkgever, Henk Cardinaal, was tuinarchitect. Van hem leerde ik weer hoe ik naar een nieuwe tuin kon kijken. Welke uitgangspunten kon ik lezen uit de tuin zelf, de omgeving? Wat vertelde de opdrachtgevers mij en welke ervaringsfeiten kon ik inbrengen? In ons vak verkoop je geen tuin uit een plaatjesboek. Ook later op de boomkwekerij, met particuliere verkoop, heb ik veel geleerd. Een enorme rijkdom aan kennis over beplanting die wij zelf kweekten en verkochten. Daar, in Wassenaar, waren dat vooral veel coniferen en een groot heide assortiment. 

En dan, van de ene op de andere dag besloot ik voor mijzelf te beginnen. Wel impulsief maar ik wilde geen spijt krijgen dat ik het nooit geprobeerd zou hebben. De eerste jaar of twintig alleen. Ook weer een ervaring maar uiteindelijk ook wel problematisch. En toen… toen kwam Thijs van school af en de afspraak vanuit zijn stageperiode was dat als hij het nog zou willen, dat er dan hier een baan op hem lag te wachten. Ineens is het dan een echt bedrijf, doe je het ineens met elkaar. Thijs, Sjaak van Rijn. Nu konden we ineens echt tuinen oppakken en onderhoudscontracten aangaan. Er werd overleg gepleegd en verantwoordelijkheden en zorgen gedeeld, investeringen gedaan en onroerend goed aangekocht. 

Nu zijn we met z’n achten. Ondertussen zijn er drie mede-eigenaren; Thijs, Carl en ik. En nu loslaten... Nu kan ik aan het bijna-einde van mijn loopbaan deze nieuwsbrief schrijven. Mijn hoveniers achterom kijken is bijna klaar maar het verwonderd mij nog steeds. Ineens sta je hier en is het bijna gebeurd. Ik ervaar het nog steeds als een ontdekkingsreis. Hoe komt dat jongetje uit de Veenderpolder ineens hier te staan? De cirkel is bijna rond, ik ga bijna weer terug naar de groentetuin.

Toch nog even dit: wat maakt het hoveniersleven nu zo uniek? Het is mijn overtuiging dat het komt doordat je al je menselijke facetten kan én moet gebruiken; je creativiteit, je verstand en je lichaam. Dit samenspel maakt het zo compleet. Dus hoveniers, geniet daarvan!

Met groet van een hovenier van Uit den Boogaard Hoveniers, 

Kees